Voor wie een CSA-tuin runt

Csa marketing tn: wat je leden zelf over de tuin doorvertellen

Geschreven door Glenn van den Belt · · 5 minuten lezen

Wat leden onderling doorvertellen is bij een tuinderij op abonnement de kortste weg naar een nieuw lid: iemand die er zelf elke week oogst neemt zijn buurvrouw mee, en die hoeft door jou niet meer overtuigd te worden. Wie op csa marketing tn zoekt komt uit bij tuinen in de Amerikaanse staat Tennessee, maar de vraag eronder is overal dezelfde: hoe zorg je dat de mensen die er al zijn erover praten, zonder dat je er een actie van maakt?

Het antwoord is korter dan je hoopt. Je kunt het niet organiseren, je kunt het wel mogelijk maken, en je kunt het onbedoeld kapotmaken. Dat laatste gebeurt meestal op het moment dat er iets tegenover komt te staan.

Waarom je bij csa marketing tn Amerikaanse tuinen vindt

De zoekresultaten voor csa marketing tn lopen twee kanten op, en geen van beide gaat over een tuin in Nederland. De ene helft bestaat uit overzichten van csa-tuinen in de staat Tennessee, de andere uit bedrijven en instellingen die toevallig de letters CSA in hun naam dragen en niets met land te maken hebben.

Wat die eerste helft wél laat zien, is dat dit onderwerp overal plaatselijk is. Een tuin heeft daar dezelfde vorm als hier: een vast aantal plekken, en leden die er zelf naartoe moeten. Binnen zo'n kleine straal is een mens die er al komt het sterkste kanaal dat er bestaat, en dat verandert niet met de taal of het land.

Wat een lid doorvertelt is niet jouw verhaal

Een lid vertelt zijn eigen week, niet je aanbod. Wat er bij een verjaardag over tafel gaat is dat er zaterdag ineens venkel stond, dat hij zelf niet wist wat hij ermee moest en dat het uiteindelijk soep is geworden. Wat er níet over tafel gaat is dat er nog vier plekken vrij zijn.

Dat is geen tekortkoming maar precies de reden dat het werkt. Zijn verhaal gaat over hem en niet over jou, dus de ander hoort geen aanprijzing maar een ervaring. Wat jij eraan kunt sturen is dus niet wat hij zegt, maar of er die week iets te vertellen viel.

Hoe je zelf over de tuin vertelt zonder er iets bij te verkopen, staat op de pagina over vertellen in plaats van verkopen.

Waarom het van hem harder aankomt dan van jou

Een lid heeft er zelf voor betaald. Hij heeft niets te winnen bij een nieuw lid en dat weet de persoon tegenover hem, dus alles wat hij zegt weegt zwaarder dan dezelfde zin op je site.

Er komt iets bij wat jij nooit zo goed kunt doen: hij vertelt de vervelende kant er vanzelf bij. Dat er in mei nog weinig staat, dat je in augustus met courgettes thuiskomt die niemand meer op krijgt, en dat je in november in de regen staat als je die week je deel wilt hebben. Wie na dat verhaal alsnog wil komen kijken, weet waar hij ja tegen zegt.

Daarmee doet mond-tot-mond twee dingen tegelijk: het levert je leden op en het zeeft ze vooraf. Dat tweede is bij een tuin met een bovengrens het waardevolste, want een plek is pas iets waard als hij het hele seizoen bezet blijft.

Wat jij kunt doen zonder er een actie van te maken

Vier dingen, en ze kosten je alle vier bijna niets.

  1. Zorg dat er iets te vertellen valt. Het weekbericht is de grondstof: wie leest dat er deze week voor het eerst knoflook uit mag, heeft die avond iets om over te beginnen. Welke berichten dat zijn en wat erin hoort, staat bij wat je het hele jaar door naar je leden stuurt.
  2. Zeg het je eigen leden het eerst als de inschrijving opengaat. Dat het bij hen begint en waarom die weg bovenaan staat, staat bij de wegen waarlangs nieuwe leden binnenkomen.
  3. Laat ze iemand meenemen naar de tuin. Zien is het argument dat elk gesprek wint, en een lid dat zijn zwager een keer meeneemt op een oogstdag doet meer dan een rondleiding die jij organiseert.
  4. Zorg dat de vraag ergens landt. Wie op een verjaardag enthousiast is geworden, kijkt diezelfde avond op zijn telefoon. Staat daar niet wat het is, wat het kost en wanneer je je kunt aanmelden, dan is dat gesprek verdampt.

Waarom wij geen aanbrengpremie zouden invoeren

De verleiding is groot om dit te belonen. Wij zouden het niet doen, en om twee redenen.

De eerste is werk dat je erbij koopt. Een regeling betekent dat je moet bijhouden wie wie heeft meegebracht, wat diegene dan krijgt, of het al verrekend is en wat er gebeurt als de aangebrachte in juni opzegt. Dat is elk jaar opnieuw administratie, voor iets wat mensen toch al deden. Zo kijken wij ook naar software: een functie die je erbij zet, is werk dat iemand moet blijven onderhouden, en hier ben jij die iemand.

De tweede is het geld. Je omzet zit vast aan het aantal plekken en komt in één keer in het voorjaar binnen. Een korting die je weggeeft, haal je dat jaar nergens meer terug, want er komt geen tweede inschrijfmoment. En zodra er iets tegenover staat, is het geen tip meer tussen buren maar een gunst die iets oplevert. Dat is precies het verschil waarop het werkte.

Wat je in plaats daarvan bijhoudt

Zet één vraag op je inschrijfformulier: hoe ken je de tuin? Dat kost je een regel en het vertelt je na één ronde meer dan welke regeling ook, namelijk welk deel van je nieuwe leden via een bestaand lid binnenkwam en welk deel langs het hek fietste.

Houd daarnaast bij wie er belangstelling had toen de tuin al vol zat. Mensen die via een lid binnenkomen, komen vaak op het verkeerde moment, want een lid vertelt zijn verhaal in juli en niet in januari. Zonder wachtlijst loopt die hele groep langs je heen. Hoe je site dat opvangt in de maanden dat er niets te vergeven is, staat bij het aanmeldformulier en de wachtlijst op je eigen site.

Laat je seizoen eens zien

Wil je weten hoeveel van je leden via een ander lid zijn binnengekomen en waar dat spoor bij jou doodloopt, laat dan eens zien hoe je jaar loopt. Hoe de inschrijving gaat, hoe je bijhoudt wie er zijn en hoe het weekbericht eruitgaat. Je hoeft niets voor te bereiden en niets te kiezen: vertellen hoe je het nu doet is genoeg. De winter, vlak voor de inschrijfronde, is daar het rustigste moment voor.